Verzorging.
De Manx Loaghtan is een natuurschaap. Dit houdt in dat het dier zich prima weet te redden zonder menselijke inmenging. Als ze de kans krijgen, en voldoende ruimte, zoeken de dieren zelf hun voedsel en beschutting. Ze zijn zelfruiend dus hoeven niet geschoren te worden. Aflammeren gaat doorgaans probleemloos en de opvoeding van de lammeren ook.
Ondanks het feit dat de dieren veel zelf kunnen is het raadzaam om de Manx als 'gewoon' schaap te verzorgen. Op de malse Nederlandse weiden moeten de hoeven regelmatig gekapt worden. En een vers geschoren Manx ziet er natuurlijk ook gewoon mooier uit dan een ongeschoren schaap met de plukken los eraan.
Zorg vier maal per jaar voor een ontwormingskuur en eventueel iets tegen vliegen en leverbot. Ook omweiden verdient aanbeveling. Dit helpt namelijk ook infecties tegen gaan.
Voer de Manx naast het gewone weidegroen en hooi bij met alles wat je maar kunt vinden. Snoeiafval uit de tuin (let op giftige planten), takken en loof van bomen en struiken doen het erg goed. De bast van stammen is ook een favoriet.
Voer bij voorkeur geen eiwitrijk voedsel zoals haver en gerst. Hier zijn de dieren eigenlijk niet op gebouwd. Af en toe een handje biks om ze te vriend te houden zorgt dat je er bijna een knuffelschaap van kunt maken. Dit in tegenstelling tot de meeste primitieve schapen die vaak niet benaderbaar zijn.

Vooral als de schapen voornamelijk op een zachte weide staan is het nodig één tot tweemaal per jaar de hoeven te kappen. Doe dit bij voorkeur als u de dieren toch al hanteert. Bijvoorbeeld bij het scheren of ontwormen.